Tuin en buiten

Natuurblindheid? Leer weer écht kijken naar de natuur

Bloemen in de bergen, onbekend wat, een beetje last van natuurblindheid

Heb jij je ogen open voor wat leeft of heb je last van natuurblindheid? Over dat laatste gaat dit artikel en hoe je met kleine stappen meer kunt verbinden met de natuur.

Afgelopen weekend las ik een artikel in NRC over natuurblindheid. Die term bleef hangen. Volgens het artikel brengen we in Nederland gemiddeld 90 % van onze tijd binnen door, en als we dan naar buiten gaan, kijken we vaak niet écht. Het geluid van een vogel is voor velen slechts “een vogel”, fluitenkruid wordt “onkruid”.

Hoe zit het met mijn natuurblindheid?

Ik vroeg me af hoe dat eigenlijk bij mij zit. Hoor ik ook bij die groep die vooral binnen leeft en nauwelijks nog iets opmerkt van de natuur? Ik denk het eerlijk gezegd niet. Ik ben graag buiten. Vaak zelfs. In de tuin, waar altijd wel iets te doen of te ontdekken valt. Hardlopend doe ik het liefst door parken of langs het kanaal. Of fietsend en wandelend, op zoek naar rust en ruimte. En ik kijk om me heen. Dat gaat vanzelf. Bloeiende planten, krioelende insecten, een vlinder die rakelings langs me fladdert — ik merk het allemaal op. Ook als ik onderweg in de auto ben, spot ik buizerds of andere roofvogels en de reeën in het veld.

Wat ik wél herken, is dat ik ook veel dingen niet dingen niet kan benoemen. Als ik langs een akker fiets, weet ik bijvoorbeeld niet zeker of daar tarwe of gerst staat. Het wuift zo mooi, maar het blijft toch vaak gewoon “graan” voor mij. Als het om vogels en planten gaat, kan ik best veel benoemen. Ik prijs mezelf gelukkig met een moeder die me op dit gebied veel heeft meegegeven. Namen en weetjes van planten of vogels — het zit in mijn geheugen, dankzij haar. En daar ben ik vandaag de dag dankbaar voor.

Ondanks een redelijke basiskennis, neemt dat niet weg ook ik last van natuurblindheid heb. Dat is niet erg. Het nodigt uit om nog meer te kijken en te leren. Als ik dingen niet weet, zoek ik het graag op. Er ligt bijna altijd een vogelgids of herkenningskaart binnen handbereik. Vooral in de winter pak ik ’m er vaak bij, als ik vogels voer in de tuin. Ook heb ik een aantal plantenboeken, niet alleen over tuinieren maar ook bloemen in de berm te herkennen. Minder goed ben ik het herkennen van insecten. Ooit had ik een vlinderherkenningskaart maar waar die is gebleven…

Op vakantie of onderweg gebeurt dit vaak: nieuwe dingen in de natuur spotten en vastleggen

5 tips voor meer verbinding met de natuur

Maar zien is niet hetzelfde als waarnemen. En hoe minder je herkent, hoe minder je verbinding voelt. Dat schrijft NRC ook: hoe groter je betrokkenheid, hoe meer je vanzelf gaat zorgen. En misschien is dat wat we nodig hebben – niet nóg een app, maar meer aandacht. Hier zijn een paar dingen die je kunnen helpen je wereld groter te maken. Het is een mix van tips uit het artikel én van mijzelf

1. Laat de oortjes (en of je telefoon) thuis

Ga wandelen of fietsen zonder podcast of muziek. Hoor de wind, het gezoem van insecten, het geroep van vogels en ontdek de verschillende kleuren en geuren.

2. Beweeg je hoofd én je hart

Hardlopen, wandelen of gewoon even buiten zitten: doe het met aandacht. Niet alleen voor je stappen of route, maar ook voor wat er om je heen leeft.

3. Loop je tuin in alsof je ’m voor het eerst ziet

Ochtend, middag, avond – het maakt niet uit. Kijk wat bloeit, wat beweegt, wat zomaar ineens opduikt. Je hoeft niks te doen. Alleen opmerken. Ik vind dit zelf een heerlijke bezigheid en loop zeker 1 x per dag (liefst vaker) mijn tuin door.

4. Geef jezelf een kleine natuur-challenge

  • Herken één nieuwe soort per week.
  • Deel wat je ontdekt met iemand anders
  • Vraag jezelf af: wat zag ik vandaag dat ik gisteren niet zag?

5. Maak gebruik van handige hulpmiddelen

Het hoeft allemaal niet perfect en zeker niet van vandaag op morgen. Begin klein. Je hoeft geen bioloog te zijn, geen volleerde vogelaar. Maar misschien heeft dit artikel je, net als het krantenstuk bij mij, even stilgezet. Een klein duwtje gegeven om met iets meer aandacht om je heen te kijken.

Misschien helpt het idee dat de natuur niet ver weg is – maar vlak voor je voeten. Op je balkon. In de berm. In je tuin. En dat elke naam die je leert, elk geluid dat je herkent, je wereld net een beetje rijker maakt!

Bron: NRC-artikel “We lijden aan natuurblindheid, maar gelukkig valt die te genezen”
Lees hier het volledige stuk (NRC, 27 juni 2025)